kijken is ook maken
Een kunstenaar maakt niet alleen wanneer hij maakt. Ook kijken is onderdeel van het maken.
Ik merk steeds vaker hoezeer kijken deel uitmaakt van mijn werkproces.
Wanneer ik naar een tentoonstelling of museum ga, kijk ik natuurlijk naar het werk zelf. Wat doet het met me? Wat trekt mijn aandacht? Welk beeld blijft hangen?
Onlangs zag ik bijvoorbeeld een expositie van Frida Orupabo. Haar manier van werken met losse lichaamsdelen en fragmenten die ze opnieuw samenbrengt, bleef bij me hangen. Het zette me aan het denken over hoe verschillende delen samen een nieuw beeld en een nieuwe betekenis kunnen krijgen.
Maar ondertussen kijk ik ook op een andere manier. Ik kijk als maker.
Hoe heeft de kunstenaar dit opgelost? Waarom werkt deze compositie? Waarom is voor dit formaat gekozen? Wat doet de drager met het beeld? Hoe worden verschillende materialen gecombineerd? Hoe is het werk afgewerkt? Wat gebeurt er wanneer een beeld niet netjes binnen de randen blijft?
Soms ben ik me daar heel bewust van. Soms merk ik pas later dat ik iets heb meegenomen uit wat ik gezien heb.
Niet letterlijk. Niet als iets wat ik wil kopiëren. Eerder als een mogelijkheid die ergens in mijn hoofd blijft zitten. Een andere manier om naar een beeld te kijken. Een materiaal dat ik zelf eens wil uitproberen. Een compositie die me aan het denken zet. Een technische oplossing waarvan ik denk: ah, zo kan het dus ook.
Ik denk dat ik als kunstenaar voortdurend aan het verzamelen ben.
Niet alleen beelden en ideeën, maar ook ervaringen, materialen, vormen, kleuren, technieken en manieren van kijken. Alles wat we onderweg tegenkomen, kan ergens deel gaan uitmaken van wat later ontstaat.
Misschien begint een nieuw werk veel eerder dan in het atelier.
In een museum. Op straat. Tijdens een gesprek. In een beeld dat blijft hangen. In iets wat me technisch intrigeert. In een gevoel waar ik nog geen woorden voor heb.
Een werk begint voor mij zelden met een volledig uitgewerkt plan.
Meestal is er eerst iets veel vager. Een beeld dat in mijn hoofd zit. Een gevoel. Een gedachte. Iets wat me bezighoudt en waarvoor ik een vorm probeer te vinden.
Ik vertrek vanuit mijn eigen beeldtaal. Vanuit vormen en materialen die voor mij ondertussen vertrouwd zijn, maar die telkens weer iets anders kunnen vertellen. Tegelijk blijf ik experimenteren met nieuwe technieken en media. Soms weet ik vooraf niet wat die toevoeging zal doen, maar juist door het uit te proberen ontstaan er nieuwe mogelijkheden.
Ik begin gewoon.
Ik knip, teken, schuif, combineer, verander. Ik kijk naar wat er ontstaat en reageer daarop. Soms weet ik vrij snel waar het naartoe gaat. Soms helemaal niet.
Het werk vormt zich gaandeweg.
Juist daarom probeer ik mezelf steeds minder de opdracht te geven om iets nieuws te bedenken.
Ik hoef niet iedere keer met een volledig nieuw idee aan mijn tafel te zitten. Ik mag ook gewoon beginnen met wat er al is. Met een beeld dat is blijven hangen. Met iets wat ik gezien heb. Met een gevoel dat nog geen woorden heeft. Met een materiaal waar ik nieuwsgierig naar ben.
Misschien ontstaat het werk daar al.
Niet op het moment dat ik de eerste lijn teken, maar veel eerder. Wanneer ik kijk. Wanneer ik iets opmerk. Wanneer iets me raakt of nieuwsgierig maakt en ik het — bewust of onbewust — meeneem.
Een kunstenaar maakt niet alleen wanneer hij maakt. Ook kijken is onderdeel van het maken.
En misschien hoef ik daarom niet te forceren dat er iets nieuws moet ontstaan.
Ik hoef alleen maar te blijven kijken, te blijven verzamelen en af en toe ergens te beginnen.
De rest mag zich onderweg vormen.
